Romanescu

13 september 2026 - Sighetu Marmatiei, Roemenië

Vrijdag 11 september 2026

Pff. Sprekend van een ondergewaardeerde stad. Ik had de naam Oradea nog maar zelden gehoord of gezien. Het is maar omdat ik in Kosice iets over haar belang heb gelezen dat mijn interesse gewekt werd. Ik ben al 30 jaar fan van Budapest. Wel Oradea is naar mijn inziens minstens even mooi. Er zijn warmwaterbronnen maar die heb ik niet bezocht. Hier gaat het om de architectuur: JugendstilWiener secessionMünchener secession. En dat in uitdrukkingen van interieur en gevels die ik nog niet gezien heb. 

Maar er is meer. Hier zie je veel mensen werken aan die art nouveau architectuur. Nog vele anderen zijn bezig straten, pleinen,... harmonisch te herwaarderen. Het is alsof iedereen hier trots op hun stad en zij zijn samen hun gezamenlijke parel aan het oppoetsen. Zonder dwang. Gewoon omdat zij het belangrijk vinden. Vaak hoor je spreken over een "growth mindset"  Wel, ik heb hier duidelijk de indruk dat dit er een is. Een hele stad die werkt aan een gezamenlijk doel uit gedeelde trots. Indrukwekkend.

Je moet niet alleen maar de gevels kijken. Ga ook binnen. Bv. Casa Darvas Laroche. Van buiten uit lijkt het een beetje op het Stocletpaleis in Brussel. Binnen is het dan weer erg verfrissend door dat mooie rood en toch door en door art nouveau. Ik begin meer en meer te geloven dat het hart van deze architectuurbeweging niet in het Westen lag maar in het oosten. 

Maar ook de sfeer van Oradea is zuiders, zonnig. Het heeft iets mediterraans. Hier kan je ten minste eten tot 23u. Heel veel mensen zitten laat op de terrassen en praten en lachen. En alles blijft open.

Vorige nacht had Ik een piekfijn aparthotel gevonden in een van die schitterende straten. De prijzen zijn hier lager dan in de vorige landen. Al zal dat in deze stad niet lang duren, naar ik vermoed. 

Omdat ik een beetje vooruit wil heb de trein van half vijf genomen. Het is voorlopig gedaan met de Europese kleinstaterij. Roemenië is groot. De afstanden zijn groot. Voor treinen betekent dit reizen waarbij je ofwel ontiegelijk vroeg vertrekt of in de late namiddag en dan zeer laat aankomt. Nu kan ik nog wat zien op de trein. Dat is belangrijk voor mij. Ik ga naar Baia Mare, terug in de Karpaten.

Ah ja, het uur is gisteren verandert, op de grens. 18 uur in België is in Roemenië 19u. 

De trein is een oude versleten boemel die traag rijdt.  De stadsranden van Oradea ogen versleten en vuil. Wat je eerst ziet wanneer je met de trein aankomt in deze stad is de cokescentrale die grote delen van de stad verwarmt met een buizensysteem. Hij ziet er zo versleten uit dat je zou denken dat hij niet meer werkt. Toch wel.

De mensen op deze Boemel stappen zelfs nog even uit om te roken wanneer we in Biharia zijn. Ik zie zelfs een man zijn neus uitsnuiten zonder zakdoek. Toch nog even oefenen! Pas wanneer een trein uit de andere richting aankomt kunnen wij verder. En nog altijd blijven alle 4 treindeuren open, zoals bij cowboys. Onderweg springt de wagon zelfs twee maal op de sporen.

Hier zie je een ander Roemenië. Uitgesproken ruraal, kleine lage huisjes met een klein erf, armer, individualistischer. In een woord slordiger. 

Na mijn tussenstop in Valea Lui Mihai kom ik op een tweede trein. Die is Hongaars, modern en comfortabel met kortstondig Wi-Fi (zolang we langs de Hongaarse grens rijden). 

Nu verandert het landschap naar enorme akkerbouw met zeer weinig dorpen en huizen. Je ziet ook aan de schaarse gemeenten dat er hier een sterk uitgebouwde agroindustrie is. Stilaan wordt het donker. 

Na een lange rit kom ik Baia Mare aan, in de regen. Het station ziet er uit als een betonblok.

Hier een hotel vinden is niet eenvoudig. Ik denk dat er in deze stad amper een toeristen zijn.  Omdat het mij niet lukt ga ik hulp vragen in een bistro die aan het sluiten is. Het lukt met hun hulp. Ik krijg zelfs nog een pint. En de twee sigaretten van Kossin kan ik hier niet weigeren. Hij werkt in transport en was onlangs in De Haan. Hij vindt het mooi, sjiek en duur. Ik krijg van hem dan nog een lift naar dat hotel Mara. Het is zo een groot, hoog Sovjet complex. Maar de kamer is volledig in orde volgens de regels van de hotelkunst. 51 euro met ontbijt. Ik kan niet klagen. Morgen zien we verder. Het is al na middernacht.

Zaterdag 12 september 

Er zijn steden die je bezoekt en er zijn steden waar je leeft. Baia Mare behoort tot de tweede categorie. Amper interessant maar toch vind je er alles. De was werd gedaan en gestreken door het hotel. Oei, ik ben vergeten te betalen, bedenk ik nu. 

Ik vond zelf een nieuw, passend pantserglas voor de gsm. Er was ook een kleine nette Spa. Daar hadden ze zelfs neroli olie. Maar om de olie te kopen was de prijs te hoog, zo bleek na wat opzoekwerk. Voor de massagebehandeling koos ik Bergamot.

De braderij op de markt was aangenaam. Ik vond de patisserie Ellen's coffee origineel. Ten eerste zeer mooi. Maar er is ook een zaal in de patisserie waar je feestelijke, vrouwelijke kleren kan passen om er dan foto's van te maken. 500 Ron per per set of sessie. Dat is 95 euro. Het meisje van de patisserie gaf zelf toe dat het duur was. Maar ik vind het idee tof.

In totaal heb ik 26 km gewandeld. Deels in de regen. Ja, het is de eerste keer dat ik mijn regenjas aantrek tegen de regen. 

Rond half zeven ben ik naar “Roast” gegaan, uit sympathie. Die mensen hadden mij gisteren geholpen. Ik ben er dus iets gaan eten. Het bleek een Turkse brochette met heel veel gebakken aardappelen en een soort samoerai saus en een soort mayonaise. Vettig en prettig. Kossin was er ook maar die had een probleem met de siphon in de keuken.

Na wat te hebben gerust in het hotel heb ik nog een lange avondwandeling gemaakt. Het is zaterdagavond. Er waren veel tieners op straat. Ze dropen met drommen af uit het winkelcentrum af toen de politie een blokje om wandelde. Ik vraag mij af waarom. In ieder geval gingen de vele meisjes en jongens daarna massaal naar de Mac Donalds recht tegenover. Als tieners massaal naar deze keten trekken om 10u30 s'avonds dan zegt mij dat iets over hoeveel er hier s’avonds te doen is. Elders in de stad heb ik zelf een sportcafé gezien. Het was er zo saai dat ik onmiddellijk vertrokken ben. Dan maar een foto gaan maken van een zeer grote kerk !

Slapen doe ik goed maar in twee stukken. Dat is al enkele weken zo. Vreemd.

Zondag 13 september 

Ik wacht op de bus naar Sighetul Marmateii. Ik kan er met de trein naartoe maar dat duurt een volledige dag en een nacht. Met de bus anderhalf uur. Probleem is dat de enige bus niet om 13u30 vertrekt maar om 17u, omdat het zondag is. 

Terwijl ik aan het wachten was op de bus van 13u30 op een bank onder het afdak van het heel erg wankel busstation kwam een  zigeunerin af. Ze wilde zichzelf verkopen in de bosjes voor ons. Dat is dus tussen de spoorwegen.  Daar ik geen aanstalten maakte kwam ze 5 minuten later terug. Maar deze keer met een plastic zak met lakens. Ze moest er zelf ook mee lachen. 

Ik ben maar in de regen naar het museum voor mineralogie gewandeld. Dat is een eind terug. 

De Karpaten hebben op dat vlak veel te bieden. En achteraf gezien ben ik blij dat ik daar eerst naartoe ben gegaan. Want daardoor heb ik onderweg meer op de twee mijnbouwstadjes gelet. 

Indrukwekkend wat hier allemaal uit dit stuk van de Karpaten komt. Wolfram, goud, telluur, zink, lood, koper, zilver,...

Dat museum is trouwens wereldklasse voor wat betreft Fiori del mine.

Een van de vele bloemen uit de lokale mijnbouw

Uiteindelijk was er in het autobus station wel een busje om vijf uur. 

Net zoals in België is er in Roemenië veel lintbebouwing, maar daar achter niets. Het kan hier ook niet anders. De geografie van deze bergjes is heel erg grillig. Ik werd eerder misselijk op de bus. Volgens mij heb ik alleen op het einde van de rit een recht stuk weg gezien. Wel heel veel groen. 

Nu ben ik in Sighetul Marmateii. Dit is een tussenstop. Toevallig ben ik hier in een authentiek mooi hotel terecht gekomen dat pal naast het huis waar nobelprijswinnaar Elie Wiesel zijn jeugd heeft door gebracht. 

Ik ben s’avonds maar champignons in room gaan eten met Polenta. Dat verteert wel. Er waren zelfs traditionele muzikanten, al was dat eigenlijk voor het feest in de zaal naast ons. Luister elkaar even naar de video.

Maandag 14 september 

Ik ben binnen gesprongen in het huis van Elie Wiesel. Eigenlijk was het dicht maar de jonge vrouw liet mij binnen. Een typisch Amerikaanse. Lange broek, blouse, platte schoenen. Sobere kleuren.  Joods en overtuigd. Mij lijkt zij hier om de geschiedenis levend te houden. Ze lijkt wel bekend op het internet. In ieder geval kent zij de streek aan beide kanten van de grens goed. 

Ik vond het huis en de geschiedenis wel interessant. Sinds de 17e eeuw woonden in deze dorpen en stadjes in Maramures zeer veel Joden. Hier in sighed vormden ze 40% van de bevolking, een Sjtetl. Het was het rijk van de Magische rabbis.

Na mijn bezoek vroeg ik haar wat ik moest zien in de buurt. Ik zei. "First in go to the cemetery". Zei antwoordde "the Jewish cemetery" waarop Ik antwoordde “no, the happy cemetery”. 

Hier ben ik met de taxi naartoe gegaan want het ligt 22 km. westwaarts in Sapânta.

Ik doe dat niet graag en ook nu weer probeert de chauffeur bij aankomst ongevraagd een fooi te nemen. Het zal nooit goed komen tussen mij en taxichauffeurs.

"Merry cemetery" werd in de jaren '80, tijdens en wereldwijde conventie van begraafplaatstsen bestempeld als de tweede belangrijkste begraafplaats ter wereld. Dat na de vallei de koningen in Egypte. Ik wist niet eens dat daar ook bijeenkomsten voor waren.

Maar goed. Ik moet zeggen dat dit mijn eerste begraafplaats is waar ik gewoon onmiddellijk blij van word en blijf.

Op ieder lichtblauw kruis staat een schilderij in dikke veelkleurige verf van wat de overledene heeft gedaan tijdens zijn leven. Op de achterkant van het kruis staat de hobby of opvallende activiteit. Niets oud, ook nog vandaag gebeurt dit. 

Zo je een een lerares die graag borduurt. Een cafébaas die graag zijn auto poetst. Een businessman die graag bezig is met de laptop. Soms is het tragisch, zoals een kind dat verdronken is in de rivier of een vrouw die is gaan slapen en overleden tijdens de nacht,...

Onder ieder kruis staat een gedicht over het leven van die persoon. Het is eigenlijk niet bedoeld als "happy". Het is een beeld van van het leven in het dorp met al zijn wel en wee. 

En dat allemaal is gestart in de jaren twintig door een man die kruisen maakte voor de begraafplaats. De traditie wordt voortgezet door zijn leerlingen. Elk kruis is eikenhout.

Ach ja, ik moet nog zeggen. Het is een orthodox christelijke kerk en begraafplaats. Aan de andere kant van het dorpje staat mooiere kleinere katholieke kerk. Maar daar is dat niet zoals hier.

Na een lang bezoek heb ik drie soorten mirre gekocht (ik vind niet dat ze lekker ruiken maar het is voor mijn collectie. En ook geurende Mirrehars voor het brandertje. Twee dagen geleden heb ik lindenloesemolie gekocht op de markt in baia Mare. Die ruikt lekker. En linde, dat had ik nog niet.

In de namiddag wil ik nu toch eens de grens met Oekraïne zien. Ik heb een wandeling gemaakt langs een groot en rijk orthodox klooster in het midden van groot eikenbos.

En dan via de veldweg langs een riviertje dat uitmondt in de Tisza. Deze rivier, die hier maar een beetje breder en dieper is dan de Semois, vormt de grens. Ik kan hier gewoon over steken naar het industrieel station van Teresva. Je hoort daar de treinen werken, fluiten en stalen voorwerpen die gelost worden. Ik kan dat wel niet goed zien omdat er bomen voor staan. 

Ik steek niet over, hoewel ik steeds meer denk dat naar Oekraïne gaan en terug keren geen onmogelijke zaak is.

De enige twee mensen die ik hier zie zijn twee vissers. 

Rond vijf uur kom ik terug aan in Sapânta. Nu terug naar Sighed. In een cafeetje zegt de baas mij dat ik in het bushok moet gaan staan, maar dat het geen bus is. En inderdaad, na een half uur stopt een doodgewone auto zonder enige markering. Die man vraagt zelfs niets. Hij zegt gewoon waar ik moet gaan zitten. Hij vertrekt in de goede richting. Veel verder stappen nog twee jongens op.

Aangekomen in Sighed betalen zij elk 15 Lei. Dat wordt ook van mij verwacht. Natuurlijk doe ik dat. Dat is vijf keer minder dan de taxi van deze morgen. Je moet het maar weten. Zelfs in het hotel hebben ze mij dat niet verteld. Of ze wilden het niet vertellen. Dat van bus voor morgen hebben ze trouwens ook moeten opzoeken. En dat op mijn aanwijzen.

Het avondeten was wel te zwaar. Schapenkaas met vet spek en Polenta in de oven. 

Dinsdag 15 september 

Vandaag was een reisdag. De bestemming ligt niet ver. Maar ik moet wachten op de bus.. Treinen rijden hier niet over de bergpassen. Dus heb ik wat rond gewandeld in Sighed. Het was marktdag. De sfeer was gezellig. Ook de synagoge bezocht. Het is te zeggen. Ik heb aangebeld. De poetsvrouw deed open. Zij heeft mij een zeer uitgebreide rondleiding gegeven in dit belangrijke hassidische gebedshuis. Zelfs het badhuis en de refter mocht ik zien. Het is kraaknet. 

De kleine bus zat propvol. Ik zat helemaal vooraan. Goed, want de rit langs de hoger wordende bergen was mooi. Gisteren waren we ongeveer 300 meter hoog. Nu is dat 488 meter, zegt mijn hoogtemeter. En de toppen zijn nu 1000 meter hoog. 

Aangekomen in Vișeu de Sus ben ik een ticket gaan halen voor morgen. En dan een slaapplaats vinden voor een nacht. Dat was nog niet zo eenvoudig omdat er kamerverhuur derde zijn die twee nachten proberen af te dwingen, ofwel ligt de prijs ligt te hoog. Uiteindelijk ben ik zeer goed terecht gekomen in en huis waar de moeder mij verwelkomt met een glaasje lokale sterke drank.  Haar dochter vertaalt.

Foto’s

3 Reacties

  1. Yvan Grosjean:
    12 september 2026
    Mooie foto´s!
  2. 4HW:
    14 september 2026
    Veel plezier op jou reis meneer!! heel veel groetjes Aliah Yassin en Zoé
  3. Axel Lynen:
    14 september 2026
    Dat is tof om iets van jullie te horen. Proficiat Zoe, je weet wel waarom. En Yassin zit nu ook bij jullie. Ik denk dat dit goed is. Aliah, hang het niet veel uit, he. Maar het verwondert mij niet dat ik precies van jou een vriendelijk bericht mag ontvangen.
    Veel succes aan jullie allemaal. Tot ziens.

Jouw reactie